Het verschil kennen tussen voorwaardelijke versus noodzakelijke waarheden
Waarheden zijn uitspraken die als feit worden geaccepteerd. Voorwaardelijke en noodzakelijke waarheden zijn twee soorten waarheden die belangrijk zijn om te begrijpen. Contingente waarheden zijn beweringen die in bepaalde situaties waar zijn, maar niet in alle situaties waar zijn. De bewering 'de lucht is blauw' is bijvoorbeeld een contingente waarheid omdat deze alleen waar is als de lucht daadwerkelijk blauw is. Noodzakelijke waarheden , aan de andere kant, zijn uitspraken die altijd waar zijn, ongeacht de situatie. Een voorbeeld van een noodzakelijke waarheid is '2 + 2 = 4'.
Contingente waarheden zijn vaak gebaseerd op meningen of ervaringen, terwijl noodzakelijke waarheden gebaseerd zijn op feiten. Contingente waarheden kunnen in de loop van de tijd veranderen, terwijl noodzakelijke waarheden constant blijven. Contingente waarheden zijn vaak subjectief, terwijl noodzakelijke waarheden objectief zijn.
Voorwaardelijke en noodzakelijke waarheden zijn beide belangrijk om te begrijpen. Als u het verschil tussen de twee kent, kunt u betere beslissingen nemen en betere meningen vormen. Het is belangrijk om te onthouden dat contingente waarheden kunnen veranderen, terwijl noodzakelijke waarheden constant blijven.
Het onderscheid tussen contingente en noodzakelijke uitspraken is een van de oudste in de filosofie. Waarheid is nodig als het ontkennen ervan een tegenstrijdigheid zou inhouden. Een waarheid is echter contingent als ze waar is, maar onwaar had kunnen zijn.
Voorbeeld
Katten zijn zoogdieren.
Katten zijn reptielen.
Katten hebben klauwen.
De eerste bewering is een noodzakelijke waarheid omdat het ontkennen ervan, net als bij de tweede bewering, resulteert in een tegenstrijdigheid. Katten zijn per definitie zoogdieren, dus zeggen dat het reptielen zijn is een contradictie. De derde bewering is een contingente waarheid omdat het mogelijk is dat katten zonder klauwen geëvolueerd zouden kunnen zijn.
Dit is vergelijkbaar met het onderscheid tussen essentiële en toevallige eigenschappen. Een zoogdier zijn maakt deel uit van de essentie van een kat, maar klauwen hebben is een ongeluk.
